Roken

Roken zorgt bij iedereen voor gezondheidsrisico’s, maar bij diabetes kunnen de risico’s nog groter zijn. Door roken reageert je lichaam minder goed op insuline. Ook versterkt roken het (al verhoogde) risico op hart- en vaatziekten. 

Ben je begonnen met roken, maar wil je stoppen? Stoppen met roken is door de verslavende werking van nicotine voor iedereen moeilijk, maar bij diabetes kan het vooruitzicht op problemen voor een extra drempel zorgen. Wanneer mensen met diabetes stoppen met roken stijgt bijvoorbeeld vaak het HbA1c en schommelen je waarden. Dit kan 1 tot 3 jaar duren. Maar na die tijd zorgt stoppen met roken voor betere bloedsuikerwaarden dan tijdens het roken én loop je minder risico op schade op latere leeftijd.

 

Alcohol

Het kan moeilijk zijn om je bloedsuikerspiegel stabiel te houden als je alcohol drinkt. Bekijk dit filmpje voor meer informatie over alcohol met diabetes:

 

Deze tips kunnen je helpen om alcohol zo veilig mogelijk te combineren met je diabetes:

  • Vertel een (betrouwbare) vriend(in) hoe hij/zij een hypo of ketoacidose kan herkennen en wat hij/zij dan moet doen. Anderen die jou minder goed kennen, kunnen de symptomen van een hypo verwarren met dronkenschap.
  • Controleer regelmatig je bloedsuiker tijdens en na alcoholgebruik. Als je dronken bent, verandert je beoordelings- en waarnemingsvermogen. Je voelt bijvoorbeeld een hypo niet aan of je vergeet te prikken of te spuiten. Dit is logisch, maar kan wel nadelige gevolgen hebben. Houd jezelf dus alert:
    • Wees je bewust van de hoeveelheid suiker in de alcoholische drankjes die je drinkt: Sommige alcoholische drankjes bevatten veel suiker, bijvoorbeeld wijn, mixdrankjes, likeur en bier. Kies je voor een mixdrankje met light frisdrank, dan bevat deze minder suiker dan met de gewone variant.
      • Ook in bier zit suiker. In alcoholvrij bier zitten meer koolhydraten dan in gewoon bier. Ook tussen soorten bier zitten (grote) verschillen in de hoeveelheid suiker. De biersuikerlijst van het Diabetes Fonds kan je helpen.
      • Wil je weten hoeveel koolhydraten er precies in verschillende soorten alcoholconsumpties zitten? Bekijk de factsheet van Jong met Diabetes.
    • Vink (bijvoorbeeld op je hand) ieder glas alcohol aan, controleer je bloedsuiker iedere keer na een vast aantal glazen (bijvoorbeeld 3). Het kan handig zijn om de waarde iedere keer met een vriend te delen, zodat diegene eventueel mee kan denken over wat je moet doen met die waarde.   
  • Door alcohol kan je lichaam zelf een te lage bloedsuikerspiegel niet opvangen. Je lever druk is met het alcohol verwerken en geeft de lever geen glucose vrij uit de voorraad opgeslagen glucose in de lever. Eten tijdens en na alcoholgebruik is dus vaak verstandig om te voorkomen dat je na – bijvoorbeeld een avond dansen – doorzakt in een hypo.
  • De verwerking van de alcohol door je lever gaat ook door als je slaapt. Ook slaap je door alcohol vaak dieper. De kans dat je wakker wordt van een hypo is kleiner. Kijk wat voor jou het beste werkt om een hype tijdens het slapen te voorkomen. Eten voor het slapengaan kan helpen, maar ook wat ontbijt alvast klaar hebben staan naast je bed of een wekker zetten om je bloedsuiker tussendoor te meten.
  • Een aantal medicijnen combineert slecht met alcohol. Controleer je bijsluiters of vraag het na bij je arts of apotheker.

 

Drugs

Als je van plan bent om drugs te gebruiken is het goed om te weten dat de meeste soorten drugs zowel je hongergevoel als je denkvermogen beïnvloeden. Beiden kunnen invloed hebben op je vermogen om je glucosewaarden stabiel te houden. Voorbereiding is dus erg belangrijk!

Als je ervoor kiest om drugs te gebruiken, is het verstandig om een (betrouwbare) vriend(in) te vertellen hoe hij/zij een hypo of ketoacidose kan herkennen en wat hij/zij dan moet doen. Wil je meer weten of de specifieke effecten van bepaalde soorten drugs in combinatie met diabetes, kijk dan op de website van DVN Jong of bekijk deze factsheet.

0
0
0
s2smodern